Avontuurlijke kabouter

 35,00

“Kom je mee? We gaan op avontuur! Het pad kan donker en kronkelig zijn, maar ik heb genoeg licht bij me ons veilig te houden.

Rugzak met eten voor onderweg, een staf met wel twee lantaarns: we kunnen gaan.

Wat een stoere kabouter is dit. Hij is er echt helemaal klaar voor.

De houten basis is 8 cm breed en 4 cm hoog. De kabouter komt tot een hoogte van 22 cm en met de staf op 19 cm breedte.

Het hout komt uit de appelboomgaard en komt van de herfstsnoei. Alle kleding heb ik zelf gebreid zonder patronen. Compleet op maat dus.

Heb jij een mooi plekje voor deze avontuurlijke lieverd?

 

1 op voorraad

 

Er was eens een nieuwsgierige kleine kabouter genaamd Finwick. Hij woonde in een schilderachtig dorpje diep verscholen in het bos. Finwick was geen gewone kabouter; hij had enorme reislust en een voorliefde voor avontuur zoals geen van zijn medekabouters die hadden. 

Elke avond, als de zon onderging en de sterren begonnen te fonkelen aan de hemel, stak Finwick zijn lantaarn aan en zat aan de rand van het dorp, starend naar het onbekende dat zich uitstrekte voorbij de bomen. Zijn lantaarn, een gekoesterd erfstuk dat van generatie op generatie werd doorgegeven, wierp een warme en geruststellende gloed, waardoor zijn opgewonden gezicht werd verlicht.

Op een sprookjesachtige avond, terwijl Finwick met zijn lantaarn buiten zat, kwam er een mysterieuze fluistering door de bomen, met de belofte van avontuur en ontdekking. Het hart van de kleine kabouter bonsde van opwinding, en zonder een moment te aarzelen, wist hij dat dit het moment was waarop hij had gewacht.

Met zijn lantaarn hoog gehouden, nam Finwick afscheid van zijn vrienden en familie, met de belofte om terug te keren met verhalen van zijn grote avontuur. Met elke stap die hij nam, werd het bos dikker, de bomen hoger en de schaduwen dieper. Maar Finwick liet zich niet afschrikken, zijn lantaarn wierp een geruststellend licht in de duisternis.

Terwijl hij dieper het onbekende in trok, ontdekte Finwick wonderen die zijn wildste dromen overtroffen. Hij kwam langs sprankelende beekjes vol met kleurrijke vissen, ontdekte verborgen grotten vol met glinsterende kristallen en weiden gevuld met bloemen die dansten in de zachte bries.

Maar naast de schoonheid kwamen er ook uitdagingen en obstakels. Finwick stond oog in oog met felle wezens en verraderlijk terrein, maar zijn moed wankelde nooit. Met elke beproeving die hij overwon, groeide zijn geest sterker, gevoed door de opwinding van her avontuur en de belofte van ontdekking.

Eindelijk, na wat voelde als een eeuwigheid, bereikte Finwick het einde van het bos, waar de hoge bomen plaatsmaakten voor een uitgestrekte open hemel. Met een gevoel van ontzag en verwondering realiseerde hij zich dat zijn reis nog maar net was begonnen.

Met zijn lantaarn nog steeds fel brandend, stapte Finwick de wijde wereld in, klaar om de avonturen hem te wachten stonden te omarmen. En hoewel hij misschien een kleine kabouter was in een grote, wijde wereld, wist hij dat zolang hij zijn betrouwbare lantaarn had om de weg te verlichten, er geen avontuur te eng was, geen uitdaging te groot om te overwinnen.